Column: Loslaten

Wat zeg je tegen iemand die gaat sterven? Ik krijg een berichtje via Messenger. De vrouw die ik een beetje ken, kondigt haar dood aan. Ze noemt een datum in december. Die dag maakt ze haar laatste herinneringen, die dag zal haar leven eindigen omdat de pijn ondraaglijk is geworden.

Column: Trui

De postbode bezorgt een pakje met drie nieuwe jongenstruien. Een voor een trek ik ze aan, loop ermee naar de spiegel, draai een rondje voor Rob. Mijn man vraagt of ik mijn armen wil strekken. Kijkt kritisch naar de manchetten en knikt. Inmiddels weten we precies was Job past.

Column: Pijn

“Alsof er een wasknijper op drukt. Alsof er een elastiek omheen knelt.” Bij de specialist wijs ik naar de pijnlijke plek en probeer ik zo nauwkeurig mogelijk te beschrijven wat ik voel. De klachten duren al veel te lang en maken me gek. Ik kan weinig doen, behalve mijn buikpijn onder woorden brengen.

Column: Bronzen Uil

De wekker geeft 02.43 uur aan. Zo zachtjes mogelijk sluip ik over de gang, langs Jobs kamer – het knakken van mijn enkels kan hem al wakker maken. Twee trappen af, op de tast de woonkamer in. Waar is die uil? Het bronzen beeldje staat waar ik het gisteravond heb achtergelaten: op het dressoir.

Column: Volwassen

Ik lig op mijn rug met mijn hoofd in Jobs schoot. We kijken elkaar aan. Zo hoort het niet. Al vijftien jaar ligt hij op de bank bij mij op schoot. Job moet lachen, speelt met mijn haar. Door zijn kromme rug is zijn gezicht vlakbij het mijne.

Column: Cadillac

Job heeft het voor elkaar: wit glitterpak aan, zwarte pruik op, gouden zonnebril over zijn oren en de linkerarm losjes rustend op het portier van een roze Cadillac uit 1959. Zijn tante regelde deze waanzinnige auto via de Cadillac-club. Waarom? Omdat Job in zijn Elvis-fase zit.